
Hieronymus
Epistulae
Brieven
Vertaald door Chris Tazelaar.
Uitgeverij Damon; Budel 2008
1468 p. in twee banden;
hardback met leeslint
isbn 978 90 5573 897 7
Van Hieronymus (347-420) zijn ongeveer 150 brieven bewaard. Met ruim 20 daarvan is Augustinus verbonden. De brieven zijn later bij Hieronymus en Augustinus verschillend genummerd. De correspondentie tussen beiden vormt met ruim 130 pagina’s omvang er een substantieel deel van. Daaronder bevinden zich twee brieven die als een zelfstandig werk van Augustinus zijn aangemerkt. Het gaat om de volgende briefnummers:
| Augustinus | Hieronymus | globale beschrijving |
| 28 | 56 | aan Hieronymus over Galaten 2,11-14 en de doelgerichte leugen |
| 39 | 103 | van Hieronymus met verzoeken tot groeten en aanbevelingen |
| 40 | 67 | aan Hieronymus vervolg op brief 28; deze brief is vijf jaar onderweg |
| 67 | 101 | aan Hieronymus met opheldering misverstanden rond brief 40 |
| 68 | 102 |
reactie van Hieronymus op Augustinus’ brief 67 |
| 71 | 104 | aan Hieronymus over enkele vertaalkwesties uit het bijbelboek Job |
| 72 | 105 | Hieronymus bevestigt ontvangst Augustinus’ brief 40 |
| 73 | 110 |
reactie van Augustinus op Hieronymus’ brief 105 |
| 74 | 111 | van Augustinus aan bisschop Praesidius om brief 73 te bezorgen |
| 75 | 112 | reactie van Hieronymus op brief 67 met betoog over vertalen |
| 81 | 115 | verzoenende reactie Hieronymus op misverstanden voorgaande brieven |
| 82 | 116 | reactie op Hieronymus’ brieven 102 en 112 |
| 123 | 142 | Hieronymus meldt aan Augustinus hoe het pelagianisme zich verspreidt |
| 165 | 126 | Hieronymus schrijft aan Marcellinus en Anapsychia over oorsprong van de ziel |
| 166 | 131 |
De origine animae |
| 167 | 132 | De sententia Iacobi |
| 172 | 134 | Hieronymus bevestig ontvangst van Augustinus’ brieven 166 en 167 |
| 195 | 141 | Hieronymus steunt Augustinus’ verweer tegen pelagianen |
| 202 | 143 | Hieronymus waarschuwt Augustinus (en Alypius) tegen pelagianisme |
| 202A | 144 | van Augustinus aan Optatus van Mileve over de oorsprong van de ziel |
| 19* (Divjak) | 134A | aan Hieronymus over Augustinus’ inzet tegen de pelagianen |
Voor meer informatie en bestelling: Hieronymus’ Brieven, damon.nl => Hieronymus Brieven.
| Aurelius Augustinus Epistula 166 De origine animae: De oorsprong van de ziel in: Chris Tazelaar, Hieronymus’ Brieven, Band 2, p. 1074-1095 |
De brief dateert van het jaar 415 en handelt over de vraag naar de oorsprong van de ziel en hoe deze zich bij mensen die geboren gaan worden verhoudt tot de kracht van de erfzonde. Daarover bestonden verschillende ideeën. Augustinus kiest in beginsel voor de opvatting dat God voor iedere boreling een nieuwe ziel schept. Het is hem echter onduidelijk hoe de relatie tussen de ziel en de erfzonde is. Scherpzinnig verwoordt hij zijn twijfel over diverse argumenten die daarover zijn geformuleerd.
Waarom lijden kleine kinderen? En wat is de functie van de doop daarin? Augustinus erkent zijn onwetendheid daarover. Misschien is het mensen niet geoorloofd om zoiets met zekerheid te weten.
| Aurelius Augustinus Epistula 167 De sententia Iacobi: Een uitspraak van de apostel Jakobus in: Chris Tazelaar, Hieronymus’ Brieven, Band 2, p. 1095-1109 |
Deze brief dateert van het jaar 415 en handelt over de vraag naar de interpretatie van een vers uit de brief van Jakobus: “Wie zich aan de hele wet houdt maar op één punt struikelt, is schuldig geworden op alle punten” (Jak 2,10). De bijbeltekst wordt uitvoerig toegelicht. Kunnen zonden onverbrekelijk samengaan terwijl ze niet gelijkwaardig zijn zoals deugden en ondeugden?
Augustinus betoogt dat alle deugden vallen onder de liefde, die de vervulling van de wet is. Wie niet in liefde handelt maakt zich schuldig op alle punten van de wet.
