9. Je vriend als gids

Vriendschap is ook een noodzakelijke voorwaarde voor alle vormen van goed
onderwijs. Onderstaand fragment is afkomstig uit een lange brief van Augustinus
aan een diaken uit Carthago, die Augustinus om raad had gevraagd bij zijn
godsdienstonderwijs.


Het kan zijn dat we het vervelend vinden om vertrouwde stof
telkens voor anderen te herhalen. Laten we ons dan aanpassen
aan anderen met de liefde van een broeder, een vader, een
moeder, een vriend. En zijn we eenmaal verbonden met hun hart,
dan lijkt die stof ook voor ons nieuw. Want groot is de kracht
van het inlevingsvermogen: als het hun iets doet wanneer wij
spreken en ons wanneer zij leren, dan wonen wij in elkaar.
Wat zij horen, spreken ze zo in zekere zin uit in ons, en wij leren
in hen op een bepaalde manier wat wij zelf doceren.
Gebeurt zoiets niet ook met ruime, fraaie plekken in een stad
of op het land, die we al vaak gezien hebben en waar we zonder
speciaal plezier aan voorbijgaan? Als we die tonen aan mensen
die ze nog nooit hebben gezien, wordt door hun verrukking over
het nieuwe onze verrukking hernieuwd! En dat is eens te meer
zo naarmate zij meer onze vrienden zijn. Want hoe meer wij via
de liefdesband in hen zijn, des te meer wordt ook voor ons alles
wat oud was nieuw.
(De catechizandis rudibus 17)